Officiele liederen

“Beheerse ‘t lied
de werkzaamheid uws levens”- Berten Rodenbach

Io vivat
Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Hoc est amoris poculum!
Doloris est antidotum! Io vivat! Io vivat!

Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Dum nihil est in poculo.
Jam repleatur denuo!

Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Nos jungit amicitia,
Et vinum praebet gaudia.

Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Est vita nostra brevior,
Et mors amara longior.

Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Osores nostri pereant!
Amici semper floreant!

Io vivat! Io vivat!
Nostrorum sanitas!
Jam tota Academia,
Nobiscum amet gaudia.

Gaudeamus igitur
1. Gaudeamus igitur,juvenes dum sumus; (bis)
Post jucundam juventutem,
Post molestam senectutem,
Nos habebit humus. (bis)

2. Ubi sunt qui ante nos in mundo fuere , (bis)
Vadite ad superos,
Transite ad inferos,
Ubi jam fuere. (bis)

3. Vita nostra brevis est, brevi finietur; (bis)
Venit mors velociter,
Rapit nos atrociter,
Nemini parcetur. (bis)

4. Vivat Academia, vivant professores, (bis)
Vivat membrum quodlibet,
Vivant membra quaelibet,
Semper sint in flore ! (bis)

5. Vivant omnes virgines, graciles, formosae ! (bis)
Vivant et mulieres,
Tenerae, amabiles,
bonae, laboriosae ! (bis)

6. Vivat et respublica et qui illam regit ! (bis)
Vivat nostra civitas,
Maecenatum caritas,
Quae nos hic protegit ! (bis)

7. Pereat tristitia, pereant osores, (bis)
Pereat diabolus,
Quivis antiburchius
Atque irrisores ! (bis)

De Vlaamse Leeuw
1. Zij zullen hem niet temmen, de fiere Vlaamse Leeuw,
Al dreigen zij zijn vrijheid met kluisters en geschreeuw.
Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.
Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

2. De tijd verslindt de steden, geen tronen blijven staan:
De legerbenden sneven, een volk zal nooit vergaan.
De vijand trekt te velde, omringd van doodsgevaar.
Wij lachen met zijn woede, de Vlaamse Leeuw is daar
Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

Wilhelmus van Nassouwe (1:04)
6. Mijn schilt ende betrouwen
Sijt ghy, o Godt mijn Heer,
Op u soo wil ick bouwen,
Verlaet mij nimmermeer;
Dat ick doch vroom mach blijven.
U dienaer taller stondt,
Die tyranny verdrijven,
Die my mijn hert doorwondt. Die stem van Suid-Afrika
1. Uit die blou van onse hemel,
uit die diepte van ons see,
Oor ons ewige gebergtes,
waar die kranse antwoord gee,
Deur ons vér verlate vlaktes
met ie kreun van ossewa —
Ruis die stem van ons geliefde,
van ons land Suid-Afrika.
Ons sal antwoord op jou roepstem,
ons sal offer wat jy vra:
Ons sal lewe, ons sal sterwe —
ons vir jou, Suid-Afrika! Gebed voor het vaderland
Heer, laat het prinsenvolk der oude Nederlanden,
niet ondergaan in haat, in broedertwist en schande.
Maak dat uit d’oude bron nieuw leven nogmaals vloeit.
Schenk ons de taaie kracht, om fier vol vroom vertrouwen,
met nooit gebroken moed ons land herop te bouwen.
Tot statig als een eik voor U ons volk herbloeit !